Wat moet de leerling hier leren?
Wat moet de leerling leren, en waar staat hij nu? Zoek hieronder een werkvorm die past bij die fase. De vraag blijft aan welke stap de leerling zelf inhoudelijke betekenis moet geven.
Wat vraagt deze les?
Loopt de leerling vast, wil je hulp geven of wil je nagaan wat hij zelfstandig kan? Die vragen leiden naar verschillende werkvormen.
Waar gaat het voor het eerst mis?
Maak denkstappen en misconcepties zichtbaar voordat je meer uitleg geeft.
Zoek diagnostische werkvormen → Ik wil helpen zonder het over te nemenWelke hulp past bij deze fase?
Bepaal eerst aan welke stap de leerling zelf betekenis moet geven. Kies daarna hulp die daarbij past en bouw die af zodra dat kan.
Zoek ondersteunende werkvormen → Ik wil weten wat een leerling zelf kanHaal de ondersteuning even weg.
Laat de leerling opnieuw proberen zonder dezelfde hulp. Kijk apart of het later nog lukt en of hij het ook in een andere situatie kan.
Zoek werkvormen voor zelfstandigheid → Ik wil taal en vakinhoud samen oefenenGebruik TAALwerkvormen.
Vijftien werkvormkaarten voor vaktaal, formatief handelen, feedback en een nieuwe poging.
Open TAALwerkvormen → Ik werk al met een didactisch modelBlijf bij je eigen lesstructuur.
Bekijk waar EAI-vragen aansluiten op EDI 2.0, Explicit Instruction en formatief handelen.
Kies je didactische model → Ik wil een opdracht of toets aanpassenWie zet welke stap?
Herontwerp vanuit het leerdoel en de fase. Bepaal welke kernhandeling van de leerling vraagt om inhoudelijke betekenisgeving, welke rol AI kan spelen en wat je daarna nog wilt vaststellen.
Start bij taakontwerp →Een werkvorm kiezen is het begin. Loop ook na welke hulp je toelaat en wat je daarna zonder die hulp wilt vaststellen.
Loop de afweging stap voor stap na.
Zie wat de leerling nu doet.
Kies welke leerstap hier centraal staat.
Begrens de hulp van AI rond die leerstap.
Check daarna wat de leerling zelf laat zien.